nederlands
english

Kennisbank Sociale Innovatie

Best practices en andere informatie over Sociale Innovatie, Slimmer Werken en Innovatief Organiseren

Terug naar start

Kenmerken

  • Auteur: Leren in een turbulente omgeving; vijf inspirerende voorbeelden
  • Datum van publicatie: 12 oktober 2015
  • Datum van plaatsen: 19 oktober 2015

Downloads

Delen

Acties

Waardering:
Waardering: Leren in een turbulente omgeving; vijf inspirerende voorbeelden
SluitenX

We werken nu nog met veel plezier
aan sociale innovatie, maar het NCSI
stopt per 1 april 2012 haar activiteiten!

Hoe lang kunt u ons nog bereiken?

Leren in een turbulente omgeving; vijf inspirerende voorbeelden

2015 – Het rapport ‘Leren in een turbulente omgeving; vijf inspirerende voorbeelden’ betreft een onderzoek dat TNO uitvoerde op verzoek van het ministerie van OCW in twee bedrijfstakken, de hightech sector en de zorg. TNO onderzocht hoe bedrijven en instellingen actief en succesvol de kennis en vaardigheden van hun medewerkers up-to-date houden in een turbulente omgeving.

Methode
Voor dit verkennende onderzoek zijn interviews uitgevoerd met medewerkers van ASML, KMWE en Norma uit de hightech topsector en het Jeroen Bosch Ziekenhuis en de Krijtmolenalliantie als vertegenwoordigers van de zorgsector

Belangrijkste bevindingen
Tijd, ruimte en veiligheid zijn essentiële randvoorwaarden voor leren, of dat nu in de praktijk gebeurt, klassikaal of op een andere manier en of dat nu in een turbulente of een niet zo turbulente omgeving is.
De turbulente omgeving eist een vergaande integratie van het continue leren, werken en innoveren. Het organiseren van de vereiste tijd, ruimte en veiligheid vergt beleid. Beleid dat voortvloeit uit een heldere visie op leren en ontwikkelen en een visie die in relatie staat tot de drive om te blijven innoveren en te blijven concurreren op kwaliteit.  Belangrijk in deze visies is de goede combinatie van in het werk leren en daarbuiten.
Bij het leren in de praktijk blijken begeleiders of coaches onontbeerlijk. Daar worden meestal ervaren (‘vakvolwassen’) collega’s voor ingeschakeld.

Eén van de belangrijkste uitdagingen, niet alleen voor het ministerie OCW, maar ook voor bedrijven en instellingen zelf, is het aanwakkeren en onderhouden van een lerende houding in de gehele (potentiële) beroepsbevolking, van onder tot boven en van jong tot oud.

Naast vakinhoudelijke (technische of medische) competenties worden in toenemende mate ook soft skills genoemd. Belangrijk zijn bijvoorbeeld sociale en communicatieve vaardigheden, onder andere voor het geven van feedback.
Feedback van begeleiders of coaches wordt in toenemende mate systematisch vastgelegd en benut voor de competentieontwikkeling van de medewerker of student. 
In de betrokken organisaties wordt veel aandacht aan kennisdeling besteed. Door deze manier van feedback genereren wordt het werkproces ook steeds weer verbeterd. Fouten en foutjes zijn een belangrijke bron van kennis.
Ook belangrijk zijn competenties als flexibiliteit, ondernemendheid, pro-activiteit, samenwerken en ‘overzicht’ (wat is mijn bijdrage aan welk proces?).
De betrokken organisaties vinden het belangrijk dat medewerkers de ruimte krijgen om zelf met voorstellen te komen om producten, diensten en processen te verbeteren.
De onderzochte organisaties uit de zorgsector maken veel gebruik van intervisiebijeenkomsten.
Het gaat om het op verstandige wijze bij elkaar brengen van mensen en instrumenten.

De meeste organisaties onderhouden intensieve contacten met initiële opleidingen (MBO, HBO en WO).  Desondanks wordt het gat tussen het aanbod van de scholen en de vraag vanuit de bedrijven, nog steeds als te groot ervaren.  Eén van de manieren om samenwerking te intensiveren is de gezamenlijke ontwikkeling van lesprogramma’s.
Leren vindt niet alleen plaats in de samenwerking en uitwisseling met het onderwijs. Bij KMWE en Norma krijgen stagiaires, leerlingen en jonge medewerkers bijvoorbeeld de ruimte om mee te doen aan competities voor jonge vakmensen, omdat dit een positieve invloed heeft op de houding en gedrag van deze jongeren.

Cases in het kort
ASML (ruim 14.000 medewerkers; waarvan 7.500 in Veldhoven) is in enkele tientallen jaren uitgegroeid vanuit een spin off van Philips tot een bedrijf van meer dan 14.000 man. ASML maakt lithografiemachines, die een belangrijke schakel vormen in de productielijnen van bedrijven die chips maken.
ASML in Veldhoven is voortdurend bezig om het informele leren om te zetten naar formeel leren. Bijvoorbeeld het inwerktraject is expliciet gemaakt door goed te kijken hoe men zich inwerkt. En trainingsvideo’s die door medewerkers zelf worden gemaakt worden direct gebruikt voor formele trainingsdoeleinden. Een speciale ‘Training Department’ en skills consultants zijn nauw betrokken om alle veranderingen te vertalen in trainingen en zitten er bovenop dat iedereen de juiste trainingen volgt.

KMWE Precision Systems en Precision Components met 300-320 medewerkers op de locaties in Eindhoven heeft een goede relatie met het initiële onderwijs (VMBO en MBO). Zo weet men jongeren voor de techniek te interesseren en al op jonge leeftijd voor het bedrijf (met een BBL contract) te werven. Op deze wijze is men in staat om voldoende nieuwe instroom te realiseren.
Bij KMWE is veel aandacht voor leren en ontwikkeling. 20% van het leren gaat via externe trainingen en opleidingen. Hierbij hanteert men een train-the-trainer formule. Zo wordt 80% van de training intern georganiseerd, en speelt informeel leren (op de werkvloer) een belangrijke rol. Bij dit laatste speelt het ProWorks systeem een ondersteunende en faciliterende rol. Daarin worden, sinds zeven jaar, alle werkprocessen, complicaties en aanpassingen of verbeteringen vastgelegd.
 
Norma Groep is een metaalbedrijf en heeft 400 fte in dienst in drie vestigingen in Hengelo en Drachten. Het bedrijf moet investeren in nieuwe technologie (met bijbehorende nieuwe werkprocessen) en medewerkers die daar mee kunnen omgaan om concurrerend te kunnen blijven op de markt.  Leren en innoveren is dus een ‘must’.  Er vindt veel informeel leren plaats, mede omdat de nieuwste technologieën nog geen onderdeel zijn van (bestaande) MBO opleidingen. Gezien het belang van leren en innoveren is Norma actief in het Techniekpact Twente en werken ze samen met MBO-opleidingen om op maat gemaakte programma’s voor het zittende personeel te ontwikkelen. Via semi-zelfsturende teams worden zoveel mogelijk verantwoordelijkheden en bevoegdheden zo laag mogelijk in de organisatie belegd. Dat geldt ook voor verantwoordelijkheden en bevoegdheden op het gebied van professionele ontwikkeling.  Door deze aanpak is het leerproces in mindere mate formeel vastgelegd in richtlijnen en procedures (vergeleken met andere cases).

De Jeroen Bosch Academie stimuleert uitgebreide intervisie met alle medewerkers en innoveert in nauwe samenwerking met een selecte groep onderwijsinstellingen waar men zelfs personeel mee uitwisselt. In het Jeroen Bosch Ziekenhuis werken 2900 FTE, waaronder 240 medisch specialisten en 958 verpleegkundigen.
Het ziekenhuis kijkt verder dan de eisen die worden gesteld vanuit de opleidingen en in regelgeving. Intervisie is voor alle doelgroepen cruciaal. Naast studenten krijgen ook begeleiders intervisie aangeboden. Leren in de praktijk is noodzakelijk om, gezien de schaal van de organisatie, de kwaliteit op alle afdelingen te borgen. Alle medewerkers worden betrokken bij het begeleiden van stagiaires en medische professionals in opleiding wat de lerende houding en het innoverend vermogen van de gehele organisatie versterkt. Optimaal leren kan alleen als intensief wordt samengewerkt met een beperkt aantal onderwijsinstellingen, zodat klassikaal leren en leren in de praktijk gezamenlijk en professioneel kunnen worden vormgegeven en zodat deze vormen van leren op elkaar afgestemd kunnen worden.

De Krijtmolenalliantie is de samenwerking tussen professionals (ca. 25 HBO/WO) met verschillende achtergronden en vanuit verschillende organisaties wat tot leren en innoveren leidt. Net als bij de Jeroen Bosch Academie staan bij de alliantie intervisie en reflectie centraal bij innoveren.
De nieuwe manier van werken, integrale dienstverlening vanuit verschillende organisaties, noodzaakt tot leren. Met name de casemanagers die de regierol hebben in de samenwerking zijn een interessante groep. De decentralisatie van taken van het Rijk naar de gemeenten zorgt voor extra dynamiek in de omgeving. Er is veel samenwerking tussen professionals met verschillende achtergronden en vanuit verschillende organisaties. Dat leidt op zichzelf al tot veel leerervaringen. Er zijn verschillende trainingen op maat ontwikkeld, waarbij de aansluiting met het leren in de praktijk een belangrijke rol speelde.

Referentie
Gründemann, R.W.M., Keijzer, L., Sanders, J.M.A.F., Torre, van der, W., (2015) ‘Leren in een turbulente omgeving; vijf inspirerende voorbeelden’. Leiden TNO Notitienummer: N15117. Het rapport is als bijlage toegevoegd. Zie ook: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2015/11/27/leren-in-een-turbulente-omgeving-vijf-inspirerende-voorbeelden.